Vrouwen zijn tegenwoordig gemiddeld bijna dertig wanneer zij hun eerste kind krijgen. Deskundigen zien vooral voordelen van deze ontwikkeling. Oudere moeders staan steviger in hun schoenen waardoor hun kinderen minder gedrags-, sociale en emotionele problemen hebben.

NU.nl onderzocht welke voordelen het heeft als vrouwen op latere leeftijd moeder worden. Uit de laatste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat vrouwen gemiddeld op de leeftijd van 29,6 jaar hun eerste kind krijgen. Begin jaren ‘70 van de vorige eeuw lag de gemiddelde leeftijd nog rond de 24 jaar. Ook hebben kinderen steeds vaker een moeder die 35 jaar of ouder is. In 2015 werden 68 kinderen geboren per duizend 35- tot 40-jarigen. In 2000 waren dat 57 kinderen.

Vaders zijn gemiddeld drie jaar ouder dan moeders bij de geboorte van het eerste kind. De gemiddelde leeftijd waarop een man voor het eerst vader wordt, is 32,5 jaar. Twintig jaar geleden lag deze leeftijd een jaar lager. Bij veel mannen komt het vaderschap tegenwoordig op nog latere leeftijd. Volgens het CBS hadden de kinderen die in 2015 geboren werden, in 16 procent van de gevallen een vader van veertig jaar of ouder. Twintig jaar geleden was dit nog 10 procent.

Rijper
Volgens ontwikkelingspsycholoog Steven Pont heeft het voor vrouwen meerdere voordelen om op latere leeftijd moeder te worden. “Vrouwen die op latere leeftijd kinderen krijgen, zijn rijper dan een jongere vrouw. Zij zijn emotioneel stabieler en hebben meer geld. Vaak is hun relatie stabiel en bovendien zijn ze minder snel van de wijs te brengen.”

Rugzakje
Opvoedcoach Vanesse van der Schaar denkt er ongeveer hetzelfde over. “Over het algemeen – maar het is belangrijk om niet te generaliseren – denk ik dat je beter weet welke normen en waarden je wilt overbrengen op je kind als je wat ouder bent. Hoe ouder je bent, hoe meer levenservaring je hebt.” Volgens Van der Schaar krijgt elk kind een “rugzakje” mee van zijn ouders wat betreft opvoeding. “Een wat oudere ouder kan denk ik beter inschatten welke onderdelen daarvan hij zelf wil gebruiken bij de opvoeding van zijn eigen kinderen.”

Minder problemen
Het feit dat de moeder stabieler in het leven staat heeft ook zijn invloed op het kind. “Uit onderzoek blijkt dat kinderen die een wat oudere moeder hebben minder gedrags-, sociale en emotionele problemen hebben”, zegt Pont. “Ze hebben over het algemeen een stabielere thuissituatie waardoor ze steviger in hun schoenen leren te staan.”

“Ik kan me ook voorstellen dat wat oudere ouders meer stabiliteit kunnen bieden en dat is heel belangrijk voor een kind”, aldus Van der Schaar. “Je hebt dan zelf meer rust in je leven. Je weet beter wat je wil en bent niet meer zoekende op het gebied van werk en de liefde. Als ik naar mezelf kijk: ik sta nu ook veel rustiger in het leven dan tien jaar geleden, toen ik mijn eerste kind kreeg.”

Volgens Pont is het verder belangrijk dat moeders zelf kiezen voor het moment waarop ze kinderen krijgen. “In iemands omgeving zijn er vaak vragen als ‘neem je nu al kinderen?’. Aan de andere kant krijgen oudere ouders vaak de opmerking ‘Neem je ze nu nog?’. Belangrijk is dat je er zelf klaar voor moet zijn en je niet laat beïnvloeden door de maatschappij.”

Verwachtingen
Pont wijst erop dat in de jaren ‘50 de verwachtingen veel lager lagen. “Wanneer je de zoon van de bakker was, bestond de kans dat je zelf ook bakker ging worden. Ook waren we veel minder geneigd om labels op kinderen te plakken. Vroeger was een kind normaal, druk, dom of verlegen. Nu zijn we geneigd om overal een label op te plakken. Een kind is of dyslectisch of heeft ADHD. Dat is niet erg, maar we moeten er niet in doorslaan.”

Pont geeft aan dat  het ouderschap tegenwoordig meer tot een kunst wordt verheven om aan de verwachtingen van de maatschappij te voldoen. “Wanneer we beoordeeld worden als een vervelende buurvrouw of een slechte tennisspeler kunnen we dat aan, maar wanneer we bestempeld worden als een slechte ouder kwetst dat enorm. Omdat alles mogelijk is, word je er tegenwoordig op aan gekeken als je faalt. Je faalt niet meer omdat je simpelweg pech hebt, maar je faalt als mens. Je kan je tegenwoordig niet meer verschuilen achter je achtergrond, omdat de wereld maakbaar is geworden. Zolang je maar hard genoeg werkt kan je tegenwoordig alles bereiken en dit legt zeker ook een druk op de ouders, ongeacht of zij jong of oud zijn.”

Opleidingsniveau
Uitstel van het ouderschap heeft volgens het CBS zowel maatschappelijke als medische gevolgen. Het opleidingsniveau blijkt een belangrijke relatie met de vruchtbaarheid te hebben. Hoger opgeleide vrouwen worden later moeder en zijn vaker kinderloos dan lager opgeleide vrouwen. Vaak willen hoger opgeleide vrouwen eerst hun opleiding afmaken en een vast inkomen, een woning en een stabiele relatie hebben voordat ze aan het eerste kind denken. Deze wensen kunnen volgens het CBS leiden tot uitstel of afstel van het moederschap. Want hoe langer een vrouw wacht met haar eerste kind, hoe meer haar vruchtbaarheid afneemt.

Volgens het CBS kan dit later van invloed zijn op het uiteindelijke aantal kinderen dat een vrouw krijgt. Dit hangt ook samen met de culturele gewoonten en de faciliteiten die een land biedt. In landen waar de combinatie tussen het moederschap en het werk eenvoudiger is, krijgen vrouwen die relatief laat moeder worden gemiddeld meer kinderen dan in andere landen en halen zij de vertraging weer in.

Werk en moederschap
Over het algemeen worden werkende moeders geaccepteerd, maar 40 procent van de Nederlandse bevolking keurt een fulltime werkende moeder af. Een op de tien vrouwen die in de periode tussen 2006 en 2008 kinderen kregen zijn helemaal met hun werk gestopt. Maar een vaker voorkomend fenomeen is dat moeders minder gaan werken en de vaders fulltime blijven werken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER