Als een ouder wordt opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis, blijven de kinderen vaak uit het zicht van hulpverleners. Crisisopvang ‘Oever’ betrekt hen bij de begeleiding. “We geloven in de kracht van familie.”

Lief Augusteyns (57) heeft als hulpverlener al heel wat jaren op de teller vertelt ze op sociaal.net. Ze begeleidt in ‘Oever’ volwassenen met een psychische kwetsbaarheid die crisisopvang en kortdurende behandeling nodig hebben. Lief kijkt trots en kritisch naar haar werkterrein. Ze blijft zich verbazen over het feit dat familieleden van patiënten te vaak in de schaduw staan. In ‘Oever’ probeert ze het met haar collega’s anders aan te pakken: partners en kinderen zijn welkom en worden betrokken bij de begeleiding. “We kijken hier niet op van kinderen die rondhollen in de gangen. Ons team stelde vast dat patiënten vaak kort na opname al beslisten om opnieuw naar huis te gaan. Ze hadden het gevoel dat ze als ouder hun gezin in de steek lieten. We kregen de tijd niet om samen te werken. We klopten voor advies aan bij het familieplatform geestelijke gezondheid en we luisterden goed naar kinderen die een ouder hebben met een psychische problematiek.”

Wat leverde dat op?

“We maakten in eerste instantie werk van een meer familievriendelijk onthaal. Ook partners en kinderen kijken vaak met vooroordelen naar een psychiatrisch ziekenhuis: ‘Daar spuiten ze mensen plat’. Wij tonen van bij de start een ander beeld. We tonen ook aan familieleden die patiënten bij opname vergezellen de kamer en leefruimtes. We nemen de tijd om hen uit te leggen wat we doen. Je merkt dat dit veel rust creëert.”

Het stopt toch niet bij een familievriendelijk onthaal?

“Gezinsgericht werken is een rode draad doorheen onze werking. Samen met mijn collega’s Katrien en Lien hebben we bijvoorbeeld groepssessies, wij noemen ze koprol-sessies, waarin we met patiënten zoeken hoe ze vanuit hun verblijf betekenisvol kunnen blijven voor hun kinderen. Intussen kijkt hier niemand meer op van spelende kinderen. Ze zijn altijd welkom. Tieners komen binnen en stappen naar de kamer van hun vader, moeder of grootouder. We spreken hen aan en betrekken ze bij de begeleiding. Als papa dit weekend voor de eerste keer naar huis mag, hoe kijken ze daar dan naar?”

Hoe reageren kinderen daarop?

“Ze vinden het fijn dat hun papa of mama opnieuw even thuis kan zijn. Door betrokken te zijn, kunnen ze erop vertrouwen dat het op een rustige manier verloopt, als logische stap in een hersteltraject. Loopt het toch mis, dan spreken we samen oplossingen af. Die aandacht is belangrijk. Veel kinderen voelen zich schuldig over de psychische kwetsbaarheid van hun ouder. Kinderen proberen die schuld af te lossen door zorgtaken op te nemen in het gezin. ‘Ik breng mijn zusje wel naar school en zorg dat er vanavond een maaltijd op tafel staat.’”

Dat kan de gezondheid van die kinderen bedreigen?

“We maken hen duidelijk dat ze geen schuld treffen. Vaak geven ouders zelf dat signaal al, maar het kan geen kwaad dat ook wij dat zeggen. We vertellen dat kinderen best voor hun ouders mogen zorgen. Dat getuigt van veerkracht binnen het gezin. Maar we tonen ook waar grenzen liggen en geven hen ankerpunten om zelf overeind te blijven. Heeft het kind voldoende draagkracht om die taken op te nemen? Dat zijn ook cruciale thema’s bij familiegesprekken. Helaas vangen we veel mensen op die vroeger zelf kind waren van een ouder met een psychische kwetsbaarheid. Als kind kregen ze geen erkenning voor de zorgende rol die ze opnamen. Die was vaak intensief, langdurig en niet aangepast aan de draagkracht van het kind.”

Lees verder op sociaal.net >>

 

 

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond ouderschapskennis en –ondersteuning

LAAT EEN REACTIE ACHTER