Ouders die hun tienerdochters of -zonen toespreken met een controlerende of bazige stem, krijgen minder van hen gedaan. Ze kunnen beter op een verzoenende manier praten, zo blijkt uit onderzoek aan de Britse Cardiff University bij duizend 14- en 15-jarigen.

Bij het onderzoek, waarover hln.be bericht, werd nagegaan hoe de tieners reageerden op instructies, zoals ‘Vanavond lees je een boek’, die op verschillende manieren werden uitgesproken. “De toon die we gebruiken, kan een sterke invloed hebben”, meent onderzoekster Netta Weinstein. “Als ouders met hun kinderen willen spreken op een manier die meer resultaat oplevert, dan doen ze er goed aan om daarop te letten. Het is gemakkelijk om dat te vergeten, vooral als ouders zelf moe zijn of onder druk staan. Maar als je je kinderen bemoedigend toespreekt, dan voelen ze zich beter omringd en gelukkiger. Het resultaat is dat ze beter hun best doen op school.”

Opstandigheid hoort erbij

Het opstandige gedrag van een tiener hoort bij het opgroeien en valt perfect te verklaren. Natuurlijk spelen hormonale veranderingen een belangrijke rol, maar daarnaast ligt een deel van de verklaring in het puberbrein. “Dat is simpelweg nog onvoldoende ontwikkeld”, zegt Sven Bussens, auteur van het boek ‘Waakzaam zorgen voor tieners’. Het brein bestaat grosso modo uit drie delen: het oerbrein (gefocust op overleven), het zoogdierenbrein (met gewoontegedrag en emotionele reacties) en het moderne brein. “Dat laatste deel – ook wel de prefrontale cortex genoemd – maakt ons tot wie we vandaag zijn. Het stelt ons in staat om afstand te nemen van problemen en te redeneren. Precies dat deel ontwikkelt zich het laatst. Pas op de leeftijd van 25 jaar zijn de hersenen in volle operationaliteit.”

Kortom, de rollercoaster aan emoties en impulsieve reacties is het resultaat van het onvolledige brein. “Tieners handelen vooral vanuit het emotionele brein. Dat verklaart ook waarom ze vaak moeilijk grenzen respecteren. Een tienerbrein denkt niet aan gevolgen op lange termijn. Hun brein is er onvoldoende voor uitgerust. Als ouder komt het erop aan om de functie van de prefrontale cortex tijdelijk over te nemen, in afwachting van de volledige rijping van het puberbrein.”

Begrenzen ervaren ouders als lastig

Het duidelijk afbakenen van grenzen is dus een belangrijk aandachtspunt voor ouders van tieners. Dat klinkt misschien niet zo verrassend. Tegelijkertijd blijkt het in de praktijk niet vanzelfsprekend. “Ik merk dat vele ouders het moeilijk hebben met begrenzen”, zegt Sven Bussens. “De angst om de goede relatie met hun kind te verliezen, speelt daarbij mee. Een goede band met je kind is belangrijk. Tegelijkertijd is het niet de bedoeling om de beste vriend of vriendin van je kind te worden. Dat houdt zelfs risico’s in. De relatie met jouw kind kan beter een ander gewicht hebben.”

Veilige haven

Begrenzen betekent niet dat je een streng leefregime moet opstellen. Het kan ook op een verbindende manier, met een warme thuisbasis als ankerpunt. “Het gezin moet voor pubers een soort van veilige haven zijn. Een plek van waaruit ze aangemoedigd worden om de wereld te ontdekken én waar ze onvoorwaardelijk terechtkunnen wanneer het misgaat of ze vragen hebben. Daarbij is een zekere vrijheid belangrijk. Je kind vaart als het ware de haven uit in een bootje waaraan je als ouder een ketting voorziet. De lengte van die ketting bepaal jij, maar af en toe moet je kind de kans krijgen om de zee op te gaan, zelfs als het water wat woelig is. Als blijkt dat bepaalde verantwoordelijkheden nog niet gedragen kunnen worden, wordt de ketting weer wat ingekort.”

Lees verder op hln.be >>

 

------
Abonneer u op onze gratis digitale nieuwsbrief en u ontvangt wekelijks een overzicht van relevante ontwikkelingen rond ouderschapskennis en –ondersteuning

LAAT EEN REACTIE ACHTER